Het Belgische elektriciteitsnet staat onder grote druk door groeiende elektrificatie en de toenemende vraag van grootverbruikers zoals datacenters en industriële batterijen. Daardoor krijgen steeds meer ondernemingen geen aansluiting of geen extra vermogen. ‘Ze verliezen concurrentiekracht, stellen investeringen uit of overwegen te verhuizen’, waarschuwt Hans Smid van Schneider Electric. ‘Net-interactieve gebouwen zijn een deel van de oplossing.’
De term netcongestie is ondertussen voor veel bedrijven dagelijkse realiteit: het net in de Benelux raakt voller, piekverbruiken lopen op en nieuwe aansluitingen worden geweigerd.
‘In Nederland wachten vandaag 10.000 bedrijven op een aansluiting’, zegt Hans Smid, Vice-President Digital Energy België en Nederland bij Schneider Electric. ‘Niet omdat de totale capaciteit ontbreekt, maar omdat de pieken te hoog zijn. Daar zit het echte knelpunt.’
Ook in Vlaanderen botsen steeds meer bedrijven op de limieten van het volle net. Volgens Smid komt dat door een mix van factoren: de groeiende vraag van grootverbruikers en de sterke toename van zonne- en windenergie, die bij lage vraag grote volumes stroom injecteren.
‘Het net kan die pieken niet altijd slikken, en uitbreiding verloopt trager dan verwacht’, zegt Smid. ‘Dat leidt niet alleen tot weigeringen van aansluitingen, maar verhoogt ook het risico op lokale black-outs.’
Interactieve gebouwen
In die context worden gebouwen een steeds belangrijkere hefboom om druk van het net te halen. Smid schetst een evolutie in vier stappen.
‘Een gebouw was vroeger vooral een passieve afnemer van energie: stroom werd centraal opgewekt, naar het gebouw geleid en daar verbruikt. Vervolgens kwam de fase waarin gebouwen hun verbruik begonnen te optimaliseren met gebouwbeheersystemen en energiemonitoring.’
Dan kwam lokale opwekking, zoals zonnepanelen, wat enerzijds verduurzaamt, maar anderzijds ook netcongestie verergert als overtollige stroom terug het net ingaat.
Automatiserings- en controlesystemen voor gebouwen betalen zichzelf vaak binnen één tot vijf jaar terug, en ze leveren enorme energiebesparingen op.
Hans Smid, Vice-President Digital Energy bij Schneider Electric België & Nederland
‘De vierde en cruciaalste stap is die van volledig grid-interactieve gebouwen’, benadrukt Smid. ‘Daarbij worden vraag en aanbod intern in balans gebracht.’ Het gebouw slaat energie op wanneer het kan, stuurt laadpalen en batterijen slim aan en vermijdt dat pieken terug op het net terechtkomen. Hier zit de grootste winst. Smid: ‘Als we de volledige gebouwenvoorraad slimmer maken, vermindert de druk op het net substantieel. Een gebouw kan actief bijdragen aan stabiliteit.’
Microgrids klaar voor uitrol
Schneider Electric beschikt over een bijzonder breed ecosysteem van oplossingen: van sensoren en meters tot volledige platformen voor gebouwautomatisering, energiemanagement, laadpaalinfrastructuur en batterijsturing.
‘77 procent van de totale CO₂-reductie die in gebouwen mogelijk is, kunnen we met onze oplossingen realiseren’, zegt Smid. ‘Voor de resterende 23 procent zijn er samenwerkingen met partners nodig.’
Een van de speerpunten zijn microgrids: software die lokale opwekking, opslag, laadpalen en verbruik realtime op elkaar afstemt. Daardoor blijven pieken beperkt en wordt energie intern optimaal verdeeld. Voorbeelden van dergelijke slimme sites bestaan al – onder meer de bijna volledig net-zero campus in het Franse Grenoble (IntenCity, nvdr).
Regelgeving versnelt de shift
Ook de regelgeving duwt gebouwen richting meer automatisering. De Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD) verplicht utiliteitsgebouwen boven 290 kW vanaf 2026 tot een automatiserings- en controlesysteem (GACS). In 2030 daalt de drempel naar 70 kW. Zo vallen ook kleinere gebouwen onder de regels.
‘Je kunt dat als last zien’, zegt Smid, die ook voorzitter is van de Europese associatie voor gebouwautomatisering eu.bac. ‘Maar economisch is het vreemd dat GACS-systemen niet allang overal aanwezig zijn. Ze betalen zichzelf vaak binnen één tot vijf jaar terug, en ze leveren enorme energiebesparingen op.’
Volgens hem ligt de sleutel nu in versnelling – ook om de klimaatdoelstellingen te behalen. ‘Grid-interactieve gebouwen zijn geen concept van morgen. Ze zijn een onmisbare oplossing voor vandaag. We hebben meer bedrijven nodig die de stap durven zetten.’